Het Project

INLEIDING

Het project Bruegel / Unseen Masterpieces / brengt de grote internationale musea bijeen rond de figuur van Bruegel de Oude (overleden te Brussel in 1569). Om het erfgoed van de schilder te eren delen deze prestigieuze partners hun rijke oeuvre met het grote publiek.

De Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België lanceerden dit project in het vooruitzicht van de 450e verjaardag van de dood van Bruegel, in 2019. Dit project is het resultaat van verregaande overwegingen over de huidige veranderingen op het gebied van museumkunde in ons digitale tijdperk.

Dit unieke initiatief maakt nieuwe ervaringen mogelijk, online en in situ. Iedereen krijgt de gelegenheid zich in de meesterwerken van de schilder te verdiepen. De toeschouwer kan de kleinste details van elk schilderij bekijken en de kennis van experts raadplegen.

HET ERFGOED VAN BRUEGEL DE OUDE
HOOFDSTUK 1. Hoe verspreiden we kunst zonder de kunstwerken te beschadigen?

Op het Kunsthistorisches Museum van Wenen na hebben de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België de grootste collectie van Bruegel de Oude ter wereld.

Hoewel Bruegel een van de beroemdste Vlaamse schilders is, dateert de laatste grote tentoonstelling van zijn werk in België toch alweer van 1980.

Het ging toen ook niet echt om een retrospectieve, want de meeste werken die toen werden getoond, waren van de hand van zijn zonen.

Deze tentoonstelling met als titel Bruegel, een dynastie van schilders, vond plaats in het kader van het Europalia-festival en was een enorm publiekssucces. Dat is op deze archieffoto duidelijk te zien

‘[…] zo ver je kunt kijken staan op het plein voor het Koninklijk Paleis bussen die een aanhoudende stroom Fransen, Nederlanders en Belgen van buiten de hoofdstad aanvoeren […]. Al die luidruchtige toeristen lopen de straat over en gaan moedig in de rij staan totdat ze door de kleine ingang van het Paleis voor Schone Kunsten worden opgeslokt. […] het is mooi weer en de tentoonstelling over Bruegel is bijna afgelopen. Ook ik laat me door de stroom meevoeren. Net als iedereen duw ik een beetje. Een dikke dame die me aan een gepensioneerde schooljuffrouw doet denken, duwt me vol minachting terug. Uit haar tas steekt een opvouwbare paraplu die zij - volgens mij met opzet - in mijn ribben drukt. ‘Wat een chaos’, zegt ze tegen de vrouw naast haar […]’

Colette Bertot, "Les dernières heures de Brueghel", in La Libre Belgique, 21 november 1980.

Waarom is er in het geboorteland van Bruegel al sinds 1980 geen grote tentoonstelling meer aan hem gewijd?

Twee elementen spelen hierin een rol: de hoge verzekeringskosten maar bovenal de grote kwetsbaarheid van de werken.
Zoals dat in de tijd van Bruegel gebruikelijk was, hebben de schilderijen een (meestal eikenhouten) drager, die zeer gevoelig is voor temperatuur- of vochtigheidsschommelingen. In dergelijke omstandigheden is het niet aangewezen om een grote reizende retrospectieve van de Vlaamse schilder te organiseren.

In 1969 zochten de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België een oplossing voor dit probleem naar aanleiding van de tentoonstelling “Bruegel: de schilder en zijn wereld ” ter gelegenheid van de 400e verjaardag van de dood van de schilder.

‘Omdat het vervoer van kwetsbare en wijdverspreide schilderijen om vanzelfsprekende veiligheidsredenen uitgesloten is, probeert de tentoonstelling alle schilderijen van Bruegel voor het eerst bijeen te brengen in een denkbeeldig museum, in de vorm van zwart-witfoto's in het formaat van de oorspronkelijke werken.’

Philippe Roberts-Jones, Bruegel: de schilder en zijn wereld, Brussel, KMSKB, 1969, overdruk.

Een halve eeuw na de tentoonstelling ‘Bruegel: de schilder en zijn wereld’ zijn de problemen nog steeds dezelfde. De technologische middelen zijn gelukkig wel aanzienlijk geëvolueerd.

Dankzij een onderzoeksprogramma (FRESH) dat in 2013 van start ging met de financiële steun van het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek, zetten de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België het debat voort in het licht van de huidige ontwikkelingen op het gebied van museumkunde.
Hoe kunnen we cultureel erfgoed en alle kennis eromheen verspreiden zonder de werken zelf in gevaar te brengen?

Hoe stellen de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België de technologie ten dienste van de kunst (en niet andersom), om dit ‘denkbeeldige museum’ nieuw leven in te blazen en Pieter Bruegel eer te betonen?

Michel Draguet, algemeen directeur van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België, legt ons uit waarom hij ervoor gekozen heeft om gebruik te maken van technologische hulpmiddelen om het oeuvre van Pieter Bruegel te laten zien.

EEN VOLKOMEN NIEUW TECHNOLOGISCH PROJECT
HOOFDSTUK 2. De steun van Engie en het Google Cultural Institute

Het project Bruegel / Unseen masterpieces / wil een zo gevarieerd mogelijk publiek, overal ter wereld, laten kennismaken met de verborgen aspecten in de werken van Pieter Bruegel de Oude. De schilder en zijn oeuvre mogen dan nog wereldberoemd zijn, toch omvatten zijn composities nog talrijke ensceneringen en kleine verhalen die stuk voor stuk meesterstukjes zijn en het onthullen waard.
De toeschouwer kan enkel verbaasd en verrukt zijn over alle onverwachte details die op unieke wijze het talent van de schilder illustreren.

1. ENGIE

Met de steun van Engie hebben de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België de Bruegel Box ontwikkeld, een gloednieuw concept waarbij het publiek als het ware in de kunst wordt ‘ondergedompeld’.
In een van de museumzalen (die geheel aan het project is gewijd) zijn verschillende geavanceerde projectoren geïnstalleerd. Op drie muren worden van vloer tot plafond immersive high definition-video's geprojecteerd, zodat de bezoekers volledig in de werken van de meester kunnen duiken en er alle geheimen van kunnen ontdekken.

Deze video’s zetten verschillende meesterwerken in de schijnwerpers, te beginnen met De val der opstandige engelen (1562). Aan dit schilderij werd in 2014 een wetenschappelijke publicatie gewijd.
Na deze digitale beleving kan de bezoeker op de eerste verdieping het meesterwerk zelf bekijken, want een ontmoeting met het origineel is en blijft een unieke ervaring.

2. GOOGLE CULTURAL INSTITUTE

Met de hulp van het Google Cultural Institute is de Bruegel Box aangevuld met een hele reeks digitale belevingen die zowel in het museum als online toegankelijk zijn.
Het Instituut werkt sinds 2011 samen met het museum en maakte een ultrahoge digitale versie van onder andere De val der opstandige engelen (1562).

Voor de 450e verjaardag van Bruegels overlijden (2019) bereidt het museum de opening van het Bruegelhuis voor, waar de kunstenaar een tijd zou hebben gewoond. Met het oog op deze opening kreeg Google de opdracht om digitale oplossingen aan te dragen die een voorsmaakje moesten geven van deze nieuwe culturele trekpleister.
Het project Bruegel / Unseen Masterpieces / is het resultaat van deze samenwerking en bevindt zich op het raakvlak van kunst en technologie.

Michel Draguet, algemeen directeur van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België, vertelt ons over het technologisch samenwerkingsverband met het Google Cultural Institute.

Inmiddels zijn alle schilderijen van Pieter Bruegel in het museum met behulp van de Gigapixel-technologie gedigitaliseerd.

Dat betekent dat ze nu allemaal online kunnen worden bekeken, ook details die niet met het blote oog te zien zijn.

Dankzij het daaruit resulterend beeldmateriaal en dat van het museum en zijn internationale partners, konden innovatieve ervaringen worden ontwikkeld die het parcours van de bezoeker verrijken:van virtuele realiteit tot immersive video’s en thematentoonstellingen.
Deze instrumenten zijn bedoeld om de belangstelling van een zo ruim mogelijk publiek te stimuleren via smartphones, tablets, computers en interactieve terminals en de mensen zo uit te nodigen om de schilderijen met eigen ogen te komen (her)ontdekken in het museum.

EEN INTERNATIONAAL PROJECT
HOOFDSTUK 3. De grootste collecties uit Europa en Amerika verenigd

Verspreid over de hele wereld zijn slechts een veertigtal schilderijen van Bruegel de Oude bewaard.
Daarom heeft het project Bruegel / Unseen masterpieces / de internationale ambitie om alle bekende museumstukken van de Vlaamse meester virtueel bijeen te brengen en zodoende een digitale retrospectieve op te zetten die voor iedereen toegankelijk is.

Met de steun van het Google Cultural Institute en dankzij de inzet van verscheidene grote musea is in 2016 al een kwart van Bruegels schilderijen verzameld: een eerste grote mijlpaal dus.

Naar het voorbeeld van deze eerste musea, worden alle andere musea die een of meer van zijn schilderijen bezitten, uitgenodigd om ook mee te werken aan dit unieke project dat voor musea een nieuwe vorm van wetenschappelijke samenwerking inluidt.

Het Museum Boijmans van Beuningen in Rotterdam bezit De Toren van Babel (ca. 1568), dat sinds 2014 in Gigapixel-formaat beschikbaar is.

Op dit platform is een virtuele tentoonstelling aan dit schilderij gewijd.

De Kindermoord te Bethlehem (ca. 1566) hangt in de Londense Royal Collection Trust. Er is een virtuele tentoonstelling aan dit paneel gewijd.

Nederlandse Spreekwoorden (1559) en de Twee Apen (1562) maken deel uit van de Gemäldegalerie van de Staatliche Museen zu Berlin. Zij prijken nu ook in ultrahoge resolutie op het platform van het Cultureel Instituut. En aan de Spreekwoorden is een virtuele tentoonstelling gewijd en een immersive video die in de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België te zien zijn.

De Prediking van Johannes de Doper (1566) is te zien in het Szépmüvészeti Múzeum in Boedapest. Dit werk is in Gigapixel-formaat te zien op het platform van het Google Cultural Institute. Ook is er een virtuele tentoonstelling en een immersive video aan gewijd.

Het Metropolitan Museum of Art in New York bezit De Oogst (na 1565). Het werk, dat sinds 2011 in Gigapixel-formaat bestaat, wordt opnieuw in de schijnwerpers gezet dankzij een virtuele tentoonstelling.

De drie soldaten (1568) bevinden zich in de Frick Collection te New York. Dit schilderij is nu ook beschikbaar in Gigapixel-formaat en op dit platform is er een virtuele tentoonstelling aan gewijd.

Het schilderij Jezus verjaagt de kooplui uit de tempel (na 1569) werd lange tijd toegeschreven aan Pieter Bruegel de Oude. In de virtuele tentoonstelling die eraan is gewijd, licht het Statens Museum of Kunst van Kopenhagen de redenen toe waarom de experts er zo lang de hand van de Vlaamse meester in zagen, en hoe een recent onderzoek het auteurschap ervan in twijfel trekt.

CONCLUSIE
De opkomst van digitale technologieën heeft een grote invloed op de relatie van de bezoeker tot het kunstwerk en tot het museum als instelling dat erdoor is veranderd. Niets kan de beleving van een origineel kunstwerk vervangen; de technologie biedt oplossingen die rekening houden met de kwetsbaarheid van oude kunstwerken. Deze oplossingen zijn een middel om dit onschatbare en onvervangbare erfgoed in stand te houden en op een nieuwe manier te beleven. Zo krijgt het begrip ‘toegankelijkheid’ een andere betekenis. Steeds meer mensen die internet gebruiken krijgen toegang tot de kunst, ook de allerjongsten. Voortaan kan iedereen zich verwonderen over, zich laten inspireren door en genieten van het geweldige talent van de kunstenaar, zowel van achter de computer als in het museum waar het kunstwerk zich bevindt. Via het project Bruegel / Unseen masterpieces / worden schilderijen uit meer dan twintig collecties in Europa en de Verenigde Staten geleidelijk aan voor iedereen toegankelijk gemaakt in de vorm van innovatieve, virtuele of fysieke ervaringen. De Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België en hun partners nodigen u uit deze werken en hun geheimen te verkennen, en meer te weten te komen over een van de grootste schilders uit de geschiedenis.
Royal Museums of Fine Arts of Belgium
Credits: verhaal

COÖRDINATIE & REDACTIE
Jennifer Beauloye

WETENSCHAPPELIJK TOEZICHT
Jennifer Beauloye

MET DANK AAN
Engie
Google Cultural Institute
Museum Boijmans van Beuningen, Rotterdam
Gemäldegalerie of the Staatliche Museen, Berlin
Szépmüvészeti Múzeum, Budapest
Statens Museum for Kunst, Copenhagen
The Royal Collection Trust, London
The Metropolitan Museum of Art, New York
The Frick Collection, New York
Michel Draguet, Véronique Bücken, Joost Vander Auwera, Laurent Germeau, Michèle Van Kalck, Pauline Vyncke, Lies van de Cappelle, Karine Lasaracina, Isabelle Vanhoonacker‎, Gladys Vercammen-Grandjean, Marianne Knop‎.

COPYRIGHTS
© Royal Museums of Fine Arts of Belgium, Brussels
© Philippe Van Gelooven
© Christian Carez
© Courtesy Colette Bertot
© Ilan Weiss / Daniel piaggio
© Royal Museums of Fine Arts of Belgium, Brussels / photo : J. Geleyns / Ro scan
© KIK-IRPA, Brussels
© D-Sidegroup
© I Love light - Olivier Anbergen
© Museum Boijmans Van Beuningen and museum garden, studio Hans Wilschut
© Staatliche Museen zu Berlin / Achim Kleuker
©Museum of Fine Arts Budapest
© Magnus Kaslov/SMK
© The Metropolitan Museum of Art
© The Frick Collection, New York, Fifth Avenue Garden and façade with magnolias in bloom / Photo: Michael Bodycomb
Royal Collection Trust / © Her Majesty Queen Elizabeth II 2016 - Peter Packer

Credits: alle media
Het uitgelichte verhaal kan in sommige gevallen zijn gemaakt door een onafhankelijke derde partij en kan afwijken van de standpunten van de hieronder vermelde instituten die de content hebben geleverd.
Vertalen met Google
Homepage
Verkennen
Dichtbij
Profiel