De duizelingwekkende details van Pieter Bruegel de Oude

Dit schilderij van Pieter Bruegel de Oude (c. 1526/30–1569) verbeeldt de Toren van Babel (Genesis 11:1-9). De afstammelingen van Noach bouwden deze toren om zo dicht mogelijk tot de hemel en god te komen. God zag dit echter als een teken van hoogmoed. Als straf liet hij de bouwers verschillende talen spreken zodat zij niet langer konden communiceren.

In dit schilderij van Bruegel staat niet het bijbelverhaal, maar de bouw van de toren centraal. Hij laat duidelijk zien dat daarvoor duizenden mensen intensief met elkaar samenwerken.

Naast de toren beeldt Bruegel een drukke haven af waarin boten bouwmaterialen aanleveren.
Dit moet een heel vertrouwd straatbeeld zijn geweest voor Bruegel. Hij woonde lange tijd in Antwerpen en deze stad ontwikkelde zich in de 16de eeuw tot een van de belangrijkste havensteden van West-Europa.

Door middel van een hijskraan met een groot rad worden goederen uit de boten getakeld.
Het rad functioneert als een ronddraaiende loopband. De loopkracht van de arbeiders zet het rad, en daarmee de kraan, dus in beweging. Vergelijkbare kranen werden tijdens de 16de eeuw ingezet in de haven van Antwerpen.

Niet alle bouwmaterialen worden over water aangevoerd.

Goed te zien is hoe in het omringende landschap steen wordt gehakt.

Uit de rivier wordt klei gewonnen om bakstenen van te bakken.

De bouwmaterialen worden met behulp van hijskranen omhoog getakeld.

Het bouwstof van de rode baksteen en witte metselkalk heeft twee brede banen in rood en wit op de toren achtergelaten.
De arbeiders en de takelmachines hebben door het neerdwarrelde stof dezelfde kleur gekregen.

Bovenin de toren is de bouw in volle gang, de toren prikt zelfs al door het wolkendek heen. De recent gemetselde bakstenen zijn nog felrood van kleur. Door het lange bouwproces zijn de bakstenen van de lagere verdiepingen al grijs verkleurd.

Aan de top zien we een stelsel van gangen maar er lijken geen andere ruimtes in aanbouw te zijn. Dit complex wordt puur gebouwd om hogerop te kunnen komen.

De toren in het bijbelverhaal is waarschijnlijk geïnspireerd op de grote ‘ziggurat’ van Babylon: een enorm complex van waarschijnlijk 91 meter breed, diep en hoog.

Op de top bevond zich een tempel. Trappen en een spiraalvormige helling voerden langs de façade naar dit heiligdom.

In de 16de eeuw bestond dit bouwwerk al lang niet meer, maar er waren nog wel omschrijvingen. Bruegel vond zijn architectonische inspiratie bij een ander beroemd gebouw.

Het Romeinse Colosseum moet veel indruk op Bruegel hebben gemaakt. Kort na 1550 maakt hij een studiereis door Italië en Frankrijk. In de Eeuwige stad zou Bruegel al een kleiner werk met de Toren van Babel hebben geschilderd op ivoor, deze is helaas niet bewaard gebleven.

Niet alleen de ronde constructie van de toren is geïnspireerd op het Colosseum (ziggurats hebben van oorsprong een vierkante plattegrond). Ook de typerende bogengalerijen heeft Bruegel overgenomen van het Romeinse bouwwerk.

Het vlakke landschap waarin Bruegel de toren plaatst is typisch voor de Nederlanden. Hij plaatst zelfs een trapgevel op een van de wachterstorens. Voor de oplettende kijker voegt Bruegel altijd kleine details toe aan zijn werken.

Op de derde verdieping is bijvoorbeeld een processie in volle gang.

Onder het rode baldakijn loopt een geestelijke met in zijn handen een monstrans, een edelmetalen houder voor de hostie.

Bruegel maakte meerdere afbeeldingen van de Toren van Babel.

Bijzonder aan deze versie is de nadruk op het bouwproces. De toren neemt bijna het volledige beeldvlak in en vrijwel alle verwijzingen naar het Bijbelse verhaal ontbreken. Bruegel ging zeer gedetailleerd te werk.

Zo zijn er meer dan 1000 figuren geteld op het schilderij.

Museum Boijmans Van Beuningen
Credits: alle media
Het uitgelichte verhaal kan in sommige gevallen zijn gemaakt door een onafhankelijke derde partij en kan afwijken van de standpunten van de hieronder vermelde instituten die de content hebben geleverd.
Vertalen met Google
Homepage
Verkennen
Dichtbij
Profiel