Dit is een muntgasmeter voor stadsgas, afkomstig uit Den Haag. De gasfabrikanten hebben zich aan het einde van de 19e eeuw als plicht gesteld om meer afnemers van gas te werven, het gas populair te maken en te zorgen dat iedereen het kon gebruiken. Vooral dat laatste bleek lastig te zijn. Veel huishoudens stookten op dat moment op petroleum en konden niet betalen voor een hele gasinrichting van de keuken en voor de verlichting. Om het makkelijker te maken is in 1895 de muntgasmeter geïntroduceerd. Het tarief ligt bij de muntmeter gemiddeld één cent hoger dan bij de gewone gasmeter: zes cent in plaats van vijf cent per kubieke meter. De afnemer krijgt dan alle onderdelen voor de verlichting kosteloos geleverd. In Leiden krijgt een muntgasverbruiker naast de meter ook nog een binnenleiding, een eenvoudige schuiflamp met complete gasgloeilichtbrander, een ijzeren wandarm met vleermuisbrander, een gaskomfoor en een gasslang in bruikleen. Hierdoor neemt het aantal afnemers en het gasverbruik enorm toe.
Geïnteresseerd in Wetenschap?
Krijg updates met je gepersonaliseerde Culture Weekly
Je bent helemaal klaar
Je krijgt deze week je eerste Culture Weekly.