Loading

Het masker is in verschillende opzichten bijzonder. Het werd rond 1880 verzameld, en is een zogenaamd janusmasker: het draagt aan beide kanten een gezicht, en is voorzien van een compleet kostuum gemaakt van raffia. Masker en kostuum zijn versierd met diverse kleuren veren, vermoedelijk van de toerako (donkerblauw), de zeearend (zwart) en neushoornvogel (zwart-wit). De gestileerde gezichten zijn circa 38 cm hoog en beschilderd in vlakken van basiskleuren wit, oranje en zwart, deels voorzien van stippen. Aan beide zijden is bovenop het hoofd een patroon van rode pitten aangebracht.
Er zijn slechts enkele exemplaren van dit type masker bekend, en die zijn grotendeels via dezelfde kanalen verzameld, via (medewerkers van) de Nieuwe Afrikaanse Handelsvereniging. Zo hebben het Rijksmuseum voor Volkenkunde Leiden en het Wereldmuseum Rotterdam er elk twee. Andere exemplaren bevinden zich in het Museu Nacional de Etnologia in Lissabon en het Museum für Völkerkunde in Berlijn. De maskers zijn dan ook afkomstig uit het gebied rond de NAHV vestigingsplaatsen aan de kust van Cabinda en Congo. De maskers worden toegeschreven aan de Woyo of Vili, twee verwante bevolkingsgroepen, die beiden deel uitmaakten van het voormalige koninkrijk Kongo en beide wonend in het mondingsbied van de Congo-rivier.
Volgens de verzamelaar Anema was het masker zeer oud is en het ‘wordt gebruikt om de plaats op te sporen waar de regen is, als het in langen tijd niet geregend heeft. Afkomstig van de omstreken van de Massabe-rivier'.
Naar alle waarschijnlijkheid werden deze maskers gedragen door leden van het ndunga-genootschap. Dit genootschap werkte in dienst van de koning of familiehoofd, maar in laatste instantie in dienst van de belangrijkste aardegeesten, de nkisi nsi. In beide gevallen zorgden de bandunga (meervoud) voor het handhaven van de sociale en natuurlijke orde. Het gebied van de Woyo en Vili was aan het eind van de 19e eeuw een gebied waar spanningen heersten. Spanningen tussen individuen en buurvolkeren, in een gebied met onduidelijke grenzen en fluctuerend economisch verkeer. Deze spanningen werden aanzienlijk aangescherpt door de toenemende invloed van Europeanen, resulterend in de verdeling en bezitneming van het gebied door Portugezen (Cabinda) en de Belgische koning Leopold II (Congo Vrijstaat) in 1885. In deze omgeving traden de ndunga-maskers op om overtreders van regels en wetten op te sporen – tovenaars, dieven, moordenaars – maar ook om oorzaken te vinden voor het uitblijven van regen of mislukken van oogsten. De harmonie van de samenleving werd rechtstreeks gekoppeld aan het welzijn en vruchtbaarheid van de aarde zelf. De maskers traden zonodig ook op als uitvoerders van het vonnis en vormden in die zin een gevreesd soort geheime politie. Doorgaans bestond een ndunga-groep uit negen maskers, die vermoedelijk individuele namen hadden.
Een van de weinig overgeleverde foto’s, gemaakt door Robert Visser, waarop een ndunga-masker is afgebeeld, spreekt van een ‘executeur’. Het masker draagt een zwaard als symbool van zijn functie. Visser was plantagehouder voor dezelfde handelsmaatschappij en verbleef tussen 1882 en 1904 op verschillende locaties in het Neder-Congo gebied, dezelfde periode dus waarin het masker is verzameld. Het Museum für Völkerkunde in Berlijn verwierf in 1898 een exemplaar dat door Visser was verzameld.
Bij de Vili zijn de laatste maskers waargenomen in de jaren ’70 van de 20ste eeuw, bij de Woyo komen ze nog voor maar is de oorspronkelijke betekenis grotendeels verloren gegaan. Er zijn foto’s van Woyomaskers uit de jaren ’50 bekend, waarin het volumineuze kostuum vervaardigd was uit bananenbladeren. In de jaren ’80 hadden de maskers voornamelijk nog een religieuze betekenis, de politionele kant was verdwenen. Men mag aannemen dat deze is onderdrukt bij het instellen van het koloniaal gezag. Wellicht verklaart dit hoe het mogelijk was dat Nederlandse handelaren, zoals Anema, een aantal van deze gerespecteerde maskers konden verkrijgen. Een andere mogelijkheid is dat de maskers rechtstreeks voor de westerse kopers zijn vervaardigd. Een argument daarvoor is de opvallende goede staat waarin alle bekende maskers verkeren. De korte tijdspanne waarin ze verzameld zijn en de opvallende stijlgelijkenissen tussen de diverse maskers kunnen wijzen op de hand van één kunstenaar of workshop.
(Onderzoek en tekst: Sonja Wijs)


170 x 78cm (66 15/16 x 30 11/16in.)
Overige afmetingen (Beide maskers): 38 x 25cm (14 15/16 x 9 13/16in.)

Source: collectie.tropenmuseum.nl

Details

  • Title: Janus mask with costume
  • Date: 1850/1884
  • Location: Loango

Get the app

Explore museums and play with Art Transfer, Pocket Galleries, Art Selfie, and more

Recommended

Google apps